12. Tokio

Door: Matthijs

Blijf op de hoogte en volg Matthijs

23 December 2012 | Japan, Tokio

Zaterdag

Hoewel het me niet direct bijzonder blij maakte dat mijn wekker al na 3 uur slaap afging (we kwamen midden in de nacht terug van Billy Boozer, terwijl ik er al erg vroeg weer uit moest), was het opstaan geen enkel probleem. Voor treuzelen is nu immers even geen tijd! Ik douche vlug en gooi gauw wat kleren die nog steeds nat zijn in mijn koffer (ik had de avond ervoor de was gedaan, maar was vergeten het in de droger te gooien). Ik neem de bus naar het vliegveld van Hong Kong en kom anderhalf uur voor vertrek van mijn vliegtuig aan. Perfect dus, neem hier dan ook uitgebreid de tijd om te ontbijten! De eerste vlucht heeft als bestemming Taipei (Taiwan) waar ik ik enkele weken geleden nog was. Na een uurtje wachten kan ik vanaf hier een vliegtuig pakken die doorgaat naar Tokio! Deze vlucht duurt ca. 3 uur, dus ik heb mooi de tijd om de film Ted te zien en naar wat muziek van Queen te luisteren. Het eerste gesprek dat ik ooit met een Japanner in Japan voerde was ook direct de minst leuke: het was namelijk een douane-beambte op het vliegveld van Tokio. Blijkbaar had ik mijn gezicht weer eens tegen ofzo, want ik werd uit de rij gepikt voor een full body search, alle inhoud van mijn koffer werd doorzocht en ik moest even mee om allerlei vragen te beantwoorden. Maar goed, het is hun werk en ik had er eigenlijk ook nog wel lol om dat hij zich door al die natte kleding van mij moest werken. Hierna mag ik dan toch eindelijk Japan in!

Tokio is sinds 1870 de hoofdstad van Japan (voorheen was het Kyoto) en de metropool telt maar liefst 35 miljoen inwoners. Tijdens mijn verblijf heb ik dan ook gemerkt dat het ontzettend groot is en dat elk district een stad opzich is. Het wordt vaak samen met Londen en New York een van de drie belangrijkste steden voor de wereldeconomie genoemd en het is dan ook ’s werelds grootste stedelijke economie. Maar bovenal staat het bekend als een zowel knettergekke stad als de stad met de hoogste levenskosten en dat bleek allemaal waar!

Op het vliegveld pin ik een goede portie Japanse yen, want die ga ik nodig hebben hier. Eenmaal buiten merk ik direct dat het hier een stuk kouder is dan in Hong Kong. Van het treinstation van Narita Airport neem ik een trein naar station Ueno, alwaar ik over moet stappen op een metro naar station Minami-senju, het station dat zich het dichtst bij mijn hostel bevindt volgens de website van het hostel. Ik had van tevoren niets opgezocht, dus laat een Japans meisje mijn adres zien en vraag of ze weet waar het is. Ze spreekt echter totaal geen Engels. Aangezien Tokio zo’n ontwikkelde en moderne stad is ging ik er op voorhand vanuit dat bijna iedereen wel Engels zou spreken, maar tijdens mijn verblijf hier zou ik erachter komen dat het hier vrij zeldzaam is als je zelfs maar enkele woorden kent. Het meisje gebaart echter dat ik achter haar aan moet lopen en we lopen samen naar een politiebureau ruim 5 minuten verderop waar ze een agent het adres laat zien. Die lijkt het te herkennen en gebaart nu op zijn beurt dat ik hem moet volgen (ook hij spreekt geen Engels) en 2 minuten later sta ik voor de deur van mijn hostel. Verbaasd door hun enorme behulpzaamheid bedankt ik beiden en ga mijn hostel binnen, het is inmiddels iets na negenen in de avond. Ik wordt direct gemaand om mijn schoenen uit te doen, dus die berg ik op in de schoenenkast in de lobby. In de zeer kleine lobby zie ik een tafel van zo’n 20 cm hoog en 2 stoelen zonder poten (je zit dus eigenlijk gewoon op de vloer) en ik vraag me af hoe je aan zo’n tafel zitten moet. Ik wordt naar mijn kamer begeleid en zie dat ik gewoon op de grond slaap op 2 smalle matrassen. Ze nemen de ‘Japanse ervaring’ hier wel vrij serieus. Aan het einde van de gang staan enkele wastafels en toiletten en er zijn enkele douches op de begane vloer. Ik ben inmiddels ontzettend moe (laatste 9 dagen 8 keer op stap geweest), op de kamer is het werkelijk ijskoud en als ik op het bed zit voelt het alsof ik de harde vloer direct raak dus ik baal even behoorlijk. Maar goed, ik heb nog avondeten nodig dus ik hang al mijn natte kleding op en gooi de kachel vol aan en haal vervolgens in de lobby een map van de metro op en een stadsgids met kaarten van elke buurt en beschrijvingen van enkele hoogtepunten in die buurt.

De dame in de lobby vertelt me dat als ik terug ga naar station Ueno ik in die buurt wel enkele goede restaurants zou moeten kunnen vinden. Ik heb eigenlijk wel zin om snel iets in een supermarkt te scoren en dan gauw naar bed te gaan, maar besluit toch maar de metro te nemen; wie weet vind ik nog wel een tof eetcafé! Onderweg (kleine 10 minuten lopen van hostel naar station) valt het me op hoe rustig mijn buurt is. Er is bijna niemand op straat en later zie ik dan ook op de kaart dat het een beetje een buitenwijk is. Rondom Ueno is dit al anders! Ik vind een straat die barst van de restaurants en kies een uit die er een beetje oké uitziet. Op mijn tafel staat een klein touchscreen waarmee ik continu iets kan bestellen en dan komen ze het al redelijk gauw brengen. Uiteindelijk heb ik een aantal verschillende soorten sushi met uiteraard was wasabi (veel pittiger hier trouwens dan ik gewend ben) en sojasaus, enkele vis- en aardappelkroketten en twee biertjes. De maaltijd is echt heerlijk en ik veer er weer helemaal van op!

Vrolijk keer ik terug naar het hostel. Het is lekker om zo alleen en dus zo vrij als een vogel door Tokio te lopen en ik vind gemakkelijk mijn weg. Ik zet mijn wekker op 8 uur en ga gauw naar mijn bed dat inmiddels wél warm is.

Zondag

Acht uur werd per ongeluk negen uur, omdat ik vergeten was de tijd op mijn telefoon aan te passen (het is in Tokio een uur later dan in Hong Kong en 8 uur later dan in Nederland). De stadsgids komt nu goed van pas, want ik had echt helemaal geen enkele informatie over Tokio opgezocht. Aan de hand van het boekje stel ik een plan op voor deze dag en vertrek. Ik heb ontbijt in een café in de buurt van mijn hostel als het oude, kleine vrouwtje achter de bar in gebrekkig Engels vraagt waar ik vandaan kom. Over Nederland blijkt ze 5 dingen te weten: tulpen en de 4 meest recent K1-kickbokswereldkampioenen uit Nederland. Ze vertelt dat in Japan bijna iedereen naar kickboksen kijkt en dan het bij de jeugd nu ook populairder is dan sumoworstelen. Ze grijpt naar een boek over Tokio en probeert me enkele tips te geven voor wat ik vandaag zou kunnen bezoeken. Jammer genoeg begrijp ik echt niets van wat ze zegt dus knik maar een beetje vriendelijk instemmend. Als ik vertrek zwaait ze me vanuit de deuropening nog even na en bedankt ze me voor mijn komst. Arigato! Bij het metrostation gebaart een bouwvakker dat ik vanwege constructiewerkzaamheden een paar meter om moet lopen en maakt met een lach enkele buigingen voor me als ik dat vervolgens ook doe. Ik begin inmiddels echt van deze mensen te houden, nog nooit hebben mensen me ergens zo welkom laten voelen als in Japan!

Ik koop een kaartje waarmee ik 2 dagen lang onbeperkt de metro kan gebruiken, scheelt een hoop gedoe. De metrokaart in het station is volledig in Japanse tekens, maar gelukkig heb ik de Engelse metrokaart bij me uit het hostel. Ik ben van plan om naar Shinjuku te gaan en zie dat het volledig aan de andere kant van de stad is (mijn buurt is ten oosten van het centrum, Shinjuku aan de westzijde). Het metrostelsel is zo ontzettend chaotisch dat het me enkele minuten kost om uit te zoeken wat de snelste manier om er te komen is. Uiteindelijk valt het met een trip van ca. 40 minuten nog best mee!

Buiten is het schitterend weer. Het is behoorlijk fris en de lucht voelt koud aan je gezicht, maar het is droog, de lucht helder en de zon schijnt fel. Perfect weer om een stad te bezichtigen! Ik ga naar de Tokyo Metropolitan Government Building, het ‘gemeentehuis’ zou je kunnen zeggen, waarin een observatiedek op de 45e verdieping is met gratis toegang. Vanaf hier heb ik een schitterend uitzicht over de wolkenkrabbers in het Shinjuku-district en zie ik in de verte Mount Fuji.

Vanaf dit gebouw loop ik naar Kabukicho, een grote entertainmentwijk. Hier kijk ik mijn ogen uit.In de gebouwen zitten enorme televisieschermen die constant videoclips uitzenden en overal zijn er restaurants, karaokebars, café’s, gamehallen en theaters. Mensen kijken is ook een groot feest hier; de een heeft blauw haar, de ander wit of roze. Het ene meisje probeert op een cartoonfiguur te lijken, de volgende op een soort Japans barbypoppetje. De jongens hebben kapsels alsof ze zo uit Dragonball-Z of Pokemon komen lopen. Het merendeel is ook ontzettend modebewust en ik kan niet anders zeggen dat ik heel wat mooie creaties op straat zag. Ik loop een gamehal binnen en het lawaai is hier echt oorverdovend; ze draaien er keiharde Japanse elektropopmuziek en overal om je heen hoor je de geluiden van honderden verschillende spelautomaten. De een racet in een Ferrari, de volgende staat op een platform te dansen om punten te scoren door het danspasje in de video zo goed mogelijk na te doen en weer een ander bestuurt een poppetje op het scherm door op een trommel te slaan. Jong en oud nemen het gamen hier nogal serieus!

Ik verken de wijk en eet wat. Op straat doe ik zo nu en dan een telling en ik schat dat slechts 1 op de 15 a 20 auto’s hier van een niet-Japanse autofabrikant is. Ze zijn echt heel zeldzaam; het is allemaal Honda, Nissan, Toyota, Suzuki etc. wat de klok slaat en heel af en toe zie je een uitzondering wat dan vrijwel elke keer een luxeauto van bijvoorbeeld Mercedes of Lamborghini is. In het metrostation moet ik de rode lijn nemen, maar die kan ik niet vinden in dit enorme complex waar bijna alles met Japanse tekens wordt aangegeven. Ik vraag het iemand en in plaats van dat hij gewoon even in de juiste richting wijst staat hij erop om me er volledig heen te brengen om daarna met een kleine buiging afscheid te nemen. Mijn sympathie voor die mensen blijft maar groeien!

Ik neem de metro naar het Marunouchi-district en kom aan op Tokyo Central Station. Dit station is een schitterend gebouw dat in 1914 gebouwd werd en geeft een goed beeld van de Japanse architectuur van die tijd. Het doet me ook wel erg denken aan alle gebouwen die je in Sjanghai zag die uit dezelfde tijd afkomstig waren. Dit is echt het centrum van Tokyo en het station wordt omringd door wolkenkrabbers met daarin zowel de meeste Japanse ministeries als hoofdkantoren van bedrijven. Vanaf hier is het slechts 5 minuten lopen naar het Imperial Palace, voormalige woonplaats van de Japanse keizerlijke familie. Via de Nijubashi-brug loop ik erheen, maar het paleis is jammer genoeg al gesloten voor bezoekers. Wel kan ik door het keizerlijke park eromheen lopen, dus relaxed ik daar een tijdje. Als ik de buurt wat verken begint het al donker te worden en ik pak een metro naar het Nihombasi-district, net oostelijk van het centrum (Marunouchi).

Nihombashi is het financiële district van Tokyo en het barst hier van de banken en andere financiële instellingen in hoge wolkenkrabbers, afgewisseld met theaters, musea, enkele high-end woonflats en vooral veel restaurants. Ik vind het gebouw van de nationale centrale bank (Bank of Japan), een schitterend en gigantisch gebouw in neo-Barokstijl uit ongeveer 1900. Hierna ga ik naar de Tokyo Stock Exchange, maar ik had er totaal niet bij stilgestaan dat het zondag is en ik er dus helemaal niet in kon. Ik hoor mijn HK-vrienden al klagen in mijn gedachten dat we er nu voor niets naartoe gelopen zijn, maar ik ben alleen dus het kan me lekker niets schelen en ik koop een hot dog!

Nieuw plan dus! Ik pak de metro naar Takeshiba, ten zuiden van het centum, waar de Tokyo Tower staat. Hij lijkt sprekend op de Eiffeltoren van Parijs, alleen geeft de Tokyo Tower ’s nachts oranje licht en is hij een een stuk groter (333m hoog, daarmee overigens bij lange na niet het hoogste gebouw van Tokio want de Tokyo Skytree reikt tot 634m). Ik neem een lift naar boven en die lift blijkt buitenom te gaan en is bovendien van doorzichtig materiaal, dus ik moest nog best even slikken toen ik hoger en hoger reikte. Vanaf het observatiedek heb ik een buitengewoon indrukwekkend uitzicht over heel Tokyo bij avond en het valt me nu pas voor het eerst echt op wat voor een megagigantische stad dit is, voor mijn gevoel groter dan alles wat ik in Azië gezien heb bij elkaar. Zal de beelden nooit vergeten!

Het is alweer 9 uur in de avond en ik heb flink trek, dus besluit ik een restaurant te zoeken. Ik ga weer voor lokaal en eet ramen met Kobe beef en een Japanse whiskey. Echt heerlijk gegeten, kan haast niet beter, erg sfeervol restaurant bovendien en de bediening is zoveel vriendelijker en behulpzamer dan ik gewend ben.

Eenmaal thuis ontmoet ik Angelica en een paar vrienden van haar in mijn hostel. Angelica is een meisje uit San Francisco die ook op uitwisseling naar Hong Kong is en ook in dit hostel verblijft omdat ik het haar had getipt vanwege de gunstige prijs en ligging nabij een metrostation. Ze nodigen me uit om de dag erop met ze mee te gaan, maar ik zie dat hun plannen echt volledig contrasteren met de mijne dus besluit ik toch maar alleen te gaan. Voor elven lig ik op bed.

Maandag

Mijn wekker gaat om 6 uur ’s ochtends, omdat ik vandaag vroeg wil vertrekken. Nou vooruit, 6:30 want ik klikte er toen ik wakker werd toch nog maar even een half uurtje bovenop, ik hoef toch met niemand rekening te houden. Ik maak me gauw klaar en kom om 7 uur ’s ochtends zonder ontbijt aan op de Tuskiji Fish Market (spreekt uit als tsoe-kie-djie) in het Ginza-district, ten zuiden van het centrum en recht aan zee (Stille Oceaan). Hier is ’s werelds grootste vismarkt waar 60.000 mensen werken en waar jaarlijks meer dan 700.000 ton vis wordt verhandeld. Elke ochtend komen voornamelijk restauranteigenaars hiernaartoe om de vers gevangen vis bij veiling voor een zo goed mogelijke prijs mee te nemen. Het is een enorme chaos en ik moet constant uitkijken dat ik niet omver gereden wordt door al het werkverkeer, tientallen soort miniheftruckjes die vis van A naar B verplaatsen. Iedereen lijkt in een enorme haast en de arbeiders hier zijn echt niet van plan om te remmen voor zo’n irritante toerist die denkt dat hij hier iets te zoeken heeft. Ook op de markt zelf is het chaos en ik vind het schitterend om te zien hoe er in deze enorme werkplaats ouderwets keiharde noeste arbeid wordt verricht door echte vakmannen. De (op dat moment nog levende) vissen worden in luttele seconden volledig schoongemaakt en in plastic, pekel of ijs gerold. Vissen langer dan een meter worden net en kordaat een kopje kleiner gemaakt en vervolgens met zaagtafels in brokken gesneden. Gigantische krabben liggen in bakken op hun nieuwe eigenaar te wachten, terwijl ze nog leven maar ze al volledig gehuld zijn in een soort bruin kruid dat de smaak waarschijnlijk doet verbeteren. Ik zie honderden verschillende soorten vis en het merendeel ervan , afgelopen nacht zwom het nog rond in de zee, ligt netjes in schoon in bakken ijs en ziet er erg goed uit.

Ik krijg er trek van en zoek een sushi-tent op pal naast de vismarkt. Ze prijzen zichzelf aan met ‘de verste vis van Tokio’ en het zit vol met Japanners dus het zal wel goed zijn. Dat het vers is geloof ik wel, want de vis komt levend het restaurant binnen en in vrije korte tijd maakt de kok er recht voor je sushi van. De kok werkt van vis naar vis en als hij er klaar mee is doet hij er wat rijst en zeewier omheen, geeft het aan je en gaat verder met de volgende. Ik heb sushi van 5 verschillende vissoorten en eentje met kaviaar (ook een kop oestersoep, maar daar was ik niet zo’n fan van). Het zal wel vanwege het idee zijn, maar ik heb volgens mij zelden van mijn leven zo van mijn ontbijt genoten! Halverwege mijn ontbijt komt er een gozer uit Pakistan naast me zitten die ook alleen blijkt te reizen en komende week naar Hong Kong gaat, dus ik heb hem wat tips gegevens en hij gaat komende week met ons mee op stap in Hong Kong.

Na dit ontbijt neem ik weer de metro naar Nihombashi, omdat ik nog steeds graag naar de Tokyo Stock Exchange wil. Was het gisteren nog mooi weer, vandaag sputtert het af en toe en is het jammer genoeg vooral veel te koud voor mij en mijn zomerjasje, ook al draag ik er een trui onder. Ik vind de aandelenbeurs en ga er naar binnen voor een gratis tour. Het begint met een museum over de geschiedenis van de Japanse beurs sinds de oprichting ervan in 1878 en over de economische geschiedenis van Japan. Klinkt wellicht een beetje saai, maar ik vond het erg tof! Hierna loop ik door naar de plek vanwaar ik de beursvloer kan zien. In totaliteit staat er hier bijna 2300 bedrijven aan deze beurs genoteerd en tezamen vertegenwoordigen zij maar liefst 3000 miljard euro aan jaarlijkse omzet, wat het een van de belangrijkste beurzen in de wereld maakt. Computers hebben tegenwoordig alles overgenomen dus een vloer vol schreeuwende mensen zal je niet zien, maar toch erg leuk om hier een kijkje te kunnen nemen.

Ik neem de metro naar Ochanomizu, een district ten noorden van het centrale Marunouchi. In de metro is alles veel te laag voor mij, inclusief de ramen dus ik moet bukken om door het raam te zien op welk station we aankomen en wanneer ik dat doe beginnen twee mannen op leeftijd voor me direct allebei voor mij te buigen. Waarschijnlijk dachten ze beide dat ik voor hen boog uit respect en uiten ze zo hun respect weer naar mij, totaal niet mijn intentie maar erg grappig! Waar ik aankom is een groot winkel- en entertainmentdistrict (genaamd Electric City) waar de Japanners hun verslaving aan elektronische producten kwijt kunnen. Ik heb zin om eens iets westers te eten en kan me niet inhouden een McChicken te scoren (met 3,90 euro overigens een stuk duurder dan de 0,80 euro die je er in Hong Kong voor betaalt). Van hier loop ik naar de Nicholai-do, een orthodoxe kerk die in de 19e eeuw cadeau werd gedaan aan Tokio door een Russische tsaar. Binnen mocht ik geen foto’s maken, maar zo een mooi en rijk interieur had ik nog nooit eerder in een kerk gezien.

Op een straathoek zie ik twee vrouwtjes per ongeluk tegen elkaar op botsen en wat volgt lijkt op een wedstrijdje wie het diepste kan buigen voor de ander. Mensen doen er hier echt alles aan om elkaar maar niet tot last te zijn en voor iedereen respect te tonen, geweldig om te zien! Ik bezoek hierna een drietal nabijgelegen Japanse tempels, maar echt speciaal is dat niet. Allemaal niet authentiek omdat ze na verscheidene aardbevingen ingestort zijn en ze vrij recent weer opgebouwd zijn maar dan van roestvrij staal i.p.v. hout. Ik ben inmiddels te koud om het buiten nog aangenaam te vinden, dus zoek een café en drink daar een goed warm kop koffie en maak een plan voor de rest van de avond. Net als tijdens vrijwel elke metrorit moet ik moeite doen om niet in slaap te vallen, heb blijkbaar toch wat slaaptekort opgebouwd in de afgelopen tijd.

Ik loop even later door het Tokyo Anime Center, waar je alles kan krijgen dat ook maar iets te maken heeft met de Japanse fascinatie voor animecartoons, dus je vindt hier alle manga-stijl stripboeken, anime dvd’s, poppen van figuren uit bekende films, games etc. etc. Ook zijn er meerdere winkels waarin ze enkel manga-stijl cartoonporno verkopen. Ben een van deze winkels binnengegaan (de naam ervan was ‘The Man Store’) en heb er verschrikkelijk moeten lachen om hoe serieus ze het allemaal nemen.

Voor de laatste stop van de avond ga ik naar Shiboya, ten westen van het centrum. Het is een van de populairste gebieden van Tokio en is voornamelijk bedoeld voor mode, restaurants en discotheken. Ik stap uit op een plein dat doet denken aan New York Times Square. Overal om me heen heb je gigantische televisieschermen in gebouwen die ook muziek draaien en alles wat maar licht kan geven doet dat ook in alle kleuren van de regenboog. De bekende ‘Shibuya Crossing’ is hier ook: als het licht op groen gaat kunnen de voetgangers op dit kruispunt in elke gewenste richting oversteken dus is het kruispunt vanuit het niets ineens gevuld met een warboel van honderden mensen. Ik loop hier wat rond en kijk mijn ogen uit, voornamelijk door alle gebouwen en het publiek dat er schitterend uitziet. Dit is absoluut de tofste wijk die ik in Tokio gezien heb. Als het uiteindelijk echt te laat wordt zoek ik een restaurant (rijst met vlees, wat saus en een salade – beviel erg goed) en keer ik terug naar mijn hostel om te gaan slapen.

Dinsdag

Na het inpakken en uitchecken ontmoet ik Angelica en haar twee vrienden weer en samen gaan we ontbijten. Ze komen alle drie uit Californië (San Francisco) en staan erop dat ze vandaag weer iets Amerikaans eten i.p.v. Japans dus gaan we naar een Danny’s. Ik had nog nooit van Danny’s gehoord, maar het schijnt een Amerikaanse ontbijtketen te zijn. Had wat ei met spek en salade etc. en dat beviel eigenlijk wel goed. Als Angelica afscheid neemt van haar twee vrienden (die reizen nu door naar de VS) gaat Angelica en ik samen naar het vliegveld. Mijn vliegtuig vertrekt als eerste (ik vlieg via Taipei i.p.v. rechtstreeks naar Hong Kong omdat het een goedkopere vlucht was) en ik kijk The Dark Knight Rises in het vliegtuig (film viel tegen overigens). Om 10 uur ’s avonds ben ik weer thuis in Hong Kong, dus ik gooi mijn koffer in de hoek van mijn kamer, stuur wat mailtjes naar huis dat ik aangekomen en bel dan mijn lokale vrienden om binnen een uur weer zoals vanouds in de party district Lan Kwai Fong te staan en samen een leuke nacht te hebben!

Tokio was ontzettend tof. Het is een verbluffende stad die zowel indrukwekkend als mooi is. Bovendien bleken alle Japanse stereotypes die je kent waar te zijn: overal elektropopmuziek, overal gamehallen, over Nintento, Sega etc., stapelgekke mensen (in een goede manier) die zich in alle kleuren van de regenboog kleden en er vaak uitzien als cartoonfiguren, manga, enkel Japanse auto’s en een focus op alles wat elektrisch is of met animefilms- en games te maken heeft. Maar bovenal zal me bijblijven hoe ontzettend lekker je hier kan eten en hoe gastvrij de mensen waren, want ik kan zonder twijfel zeggen dat de Japanners de meest vriendelijke mensen zijn die ik ooit ontmoet heb.

Nu gauw opmaken voor de laatste paar dagen in Hong Kon!

p.s. Door tijdsgebrek plaats ik al een tijdje geen foto’s meer hier (kost bovendien ook geld als ik er meer plaats), maar op Facebook heb ik ze wel gewoon allemaal geplaatst.

  • 23 December 2012 - 09:22

    Joey:

    Eey!

    Hoe tof wil je het hebben ik ben wel jaloers! Haha ik had
    Ook niet verwacht dat ze zo behulpzaam zouden zijn, hier
    Doen ze bijna geen moeite om je te helpen en maken ze foto's.
    War mij er op brengt dat je echt geweldige foto's hebt gemaakt.
    In ÉÉN WOORD prachtig!!

    Gr. Joey

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Matthijs

Reisblog van Matthijs.

Actief sinds 21 Aug. 2012
Verslag gelezen: 725
Totaal aantal bezoekers 17522

Voorgaande reizen:

26 Augustus 2012 - 28 December 2012

Kaaskop in Hong Kong

Landen bezocht: